“Welkom met je twijfels, je schaamte, de angst om je kwetsbaarheid te delen. Ik wil jou mijn helpende hand reiken. Met jou kijken naar wat de specifieke aard van je neerslachtigheid is en je instrumenten aanreiken om de logica van je somberheid te tonen, zodat je weer deel kunt nemen aan een leven waar ieder wezen naar hunkert.”

Meindert Inderwisch

Depressie in gips

Wees welkom lezer. Wanneer je jezelf verdiept in wat depressie is, kom je in de buurt van mijn schaduw. Een schaduw die net zo goed deel uitmaakt van wie ik ben als de opgewekte, bezielde man die in mij leeft. Welkom met je twijfels, je schaamte, de angst om je kwetsbaarheid te delen. Ik wil jou mijn helpende hand reiken. Met jou kijken naar wat de specifieke aard van je neerslachtigheid is en je instrumenten aanreiken om de logica van je somberheid te tonen, zodat je weer deel kunt nemen aan een leven waar ieder wezen naar hunkert. Ik zal betrokken zijn, maar je geen enkele druk opleggen. Dat heb je waarschijnlijk zelf al te veel gedaan.

De omstanders hebben vaak moeite met depressie. Ze voelen zich onhandig, omdat ze zelf nog niet weten hoe het voelt. Hoe kun je begrijpen wat je zelf nooit hebt meegemaakt? In zekere zin is iedereen met klachten van depressieve aard een pionier. Iemand die nieuwe gebieden in zichzelf leert kennen, maar daar nog nauwelijks woorden aan kan verbinden. Nogmaals: laat de stress of druk zoveel mogelijk gaan en gun het jezelf om hulp te vragen. Ik kwam er niet alleen uit en het was moeilijk om dat toe te geven. Toen ik dat echter had gedaan, omdat ik niet meer verder kon, viel het me zo mee. Ik was niet alleen in mijn depressie, Miljoenen mensen lijden of leden eronder. De literatuur erover is ruimschoots aanwezig, maar je hebt een levend mens tegenover je nodig die het terrein toegankelijk maakt, iemand die je helpt bij het aarden in deze tijdelijke staat.

Je ‘vlak’ voelen

Een verslaafde kan niet aan een niet-verslaafde uitleggen wat hij doormaakt. Het is maar de vraag of hij het aan zichzelf kan uitleggen. Veel schrijvers hebben getracht hun depressies te vangen in woorden. Moeilijk of zelfs onmogelijk. Wanneer je er middenin zit, ben je gegijzeld door een alles omvattende stemming. Je hand is feitelijk te moe om een pen op te pakken, je geest te hopeloos om nog initiatief te tonen. En dan de eenzaamheid die gepaard gaat met de aandoening! Vaak heb ik mensen depressie horen omschrijven als een staat waarin hun gevoelens (affect in het jargon) ‘vlak’ waren. Was dat maar waar. Laat ik voor mijzelf spreken als ervaringsdeskundige (ik heb twee klinische depressies gehad en een reeks van mildere varianten): er is niets ‘vlak’ aan depressie. Je bent wel vaak één met een bepaald gevoel en het valt dan niet mee om dat gevoel een naam te geven. Dat verschijnsel waarbij we één worden met een bepaald gevoel heet ook wel ‘geïdentificeerd zijn met’ (bijvoorbeeld je eenzaamheid). Ik kon roerloos aan mijn bureau zitten en niet begrijpen wat ik voelde, omdat er geen afwisselende emoties waren, zodat ik niet vanuit een helikopter naar mijzelf kon kijken. Wanneer je één en al eenzaamheid bent, raak je zelfs sprakeloos in de dialoog met jezelf. Zo’n staat van zijn ‘vlak’ noemen is een onderschatting van de pijn in jou en de vermommingen die deze aanneemt.

Zat er maar gips om

Mensen die tevergeefs aan hun omgeving, hun geliefden, hun baas op het werk, duidelijk trachten te maken wat de ziekte depressie inhoudt, merken dat het invoelend vermogen (empathie) van de ander niet volstaat. De ander is daar onschuldig in. Zoals eerder in dit hoofdstuk gezegd: ‘je kunt niet begrijpen (je ten volle realiseren) wat je zelf niet hebt meegemaakt’. Het wordt pijnlijker wanneer de ander dingen gaat zeggen als ‘Verman jezelf toch eens, je hebt alles wat je hartje begeert’ of ‘Jij hebt gewoon een schop onder je kont nodig’ en wat dacht u van ‘Het is allemaal gezeur om aandacht.’ Dat soort reacties werken schaamte in de hand en vertragen of saboteren het genezingsproces. Mensen die lijden aan depressie zeggen niet voor niets: ‘Zat er maar gips om’. Met gips om je gebroken ledematen, met verband om je gewonde lichaam, heb je pas recht van spreken, zo lijkt het.

Misschien dat kinderen daarom zo trots zijn op hun pleisters.

Laat je niet afbluffen

Probeer om jezelf niet door de onwetendheid van anderen te laten intimideren. Er is een deel van jou dat weet hoe slecht je eraan toe bent. Dat deel heeft een nauwelijks hoorbare stem, maar ik beloof je dat ik je kan horen fluisteren. Hulp durven vragen vereist moed, in therapie gaan vereist moed. Ik heb depressie wel eens horen omschrijven als ‘de vloek van de sterke’. Sommige mensen smijten met hun krachten, omdat ze dat nu eenmaal kunnen. Tot ineens de kaars is opgebrand. Terugkijkend kunnen ze nog wel zien dat er al ‘waarschuwingen’ waren, maar die worden snel toegeschreven aan moeheid, stress etc. Vergeet niet dat je in je kern onveranderd bent. Vereenzelvig je persoonlijkheid niet met je depressie. Als je de griep krijgt ben je toch ook niet meneer of mevrouw ‘Griep’?

Pak de telefoon, laat je er desnoods op vallen en maak contact. Je hoeft niet te presteren. Maak kenbaar dat je hulp zoekt. Daar is werkelijk niets beschamends aan.

Bruce Springsteen over zijn depressies:

“Death I can handle; it’s this other…thing. This thing I have studied and fought against for the better part of sixty-five years. It comes in darkness or in bright daylight, each time wearing a subtly different mask, so subtle that some like myself who have fought it and named it multiple times welcome it in like an old friend. Then once again it takes up deep residence in my mind, heart and soul until it is finally routed out after doing its wreckage.”

Vertaling:

“Met de dood kan ik nog omgaan; het is dat…dat andere wat ik heb bestudeerd en bevochten tijdens het grootste deel van mijn vijfenzestig jaar (toen hij dit stuk schreef). Het komt in de duisternis of in het felle daglicht, iedere keer vermomd in een subtiel veranderend masker, zo subtiel dat sommigen zoals ik – die ‘het’ hebben bestreden en meerdere keren benoemd – ‘het’ (de depressie) verwelkomen als een oude vriend. En dan neemt het, eens te meer, zijn intrek in mijn geest, mijn hart en ziel tot het zich uiteindelijk buiten laat zetten nadat het zijn verwoestingen heeft achtergelaten.”

Citaat Bruce Springsteen uit: ‘Born to run’ (Simon & Schuster, 2016)

(Mijn verhaal) Ned. Vertaling beschikbaar vanaf 2 december 2020.

Stel: je staat onder druk. Op het werk zit het tegen, de relatie met geliefden loopt gevaar, je lichaam is moe, hoe lang je ook slaapt (als je al kunt slapen). Dingen gaan van kwaad tot erger. Jij verandert ingrijpend, maar de wereld om je heen raast je voorbij. Wat is er met je snelheid, je daadkracht, je flexibiliteit gebeurd? En hoe maak je die vraag bespreekbaar in een wereld die op dat moment het domein lijkt te zijn van de vitale, gezonde mens?

De meeste mensen zijn bang om tekenen van zwakte te vertonen. Degene die zich onderscheidt in positieve zin kan rekenen op applaus of jaloezie. Degene die zich onderscheidt vanuit kwetsbaarheid, wordt al snel het mikpunt van spot, medelijden of pesterijen. Die kwetsbaarheid kan ‘in de familie zitten’ (de genetische factor), maar kan ook zijn ontstaan door het opgroeien in een disfunctioneel gezin (een van de culturele factoren).

Roofdieren zoeken de ‘zwakke’ exemplaren uit in de kudde en maken die tot hun prooi. Wanneer Orka’s een baby-walvis bij zijn moeder verdrijven en de zuigeling vervolgens aan stukken scheuren, wordt een BBC-documentaire voor mij ineens moeilijk om aan te zien. ‘Het is de natuur’, zullen velen zeggen. Ja. En twee plus twee is vier. Ook waar.

Wist u dat walvissen ook rouwen? Voor een artikel over dit onderwerp (uit de National Geographic) kunt u helemaal onderaan dit hoofdstuk terecht.

Iemand die lijdt aan een depressie of klachten van depressieve aard heeft, is bang voor uitsluiting. De maatschappij is over het algemeen niet vriendelijk voor de neerslachtige mens. De angst voor uitsluiting gaat hand in hand met de angst voor stigmatisering. Eenmaal gebrandmerkt als iemand die psychisch in de problemen is gekomen, wordt het lastig om van dat stempel af te komen. Zoiets werkt niet alleen door in de maatschappij, want mensen hebben het soms liever over andermans problemen dan de eigen kwetsuren bloot te geven, maar ook in het zelfbeeld van degene met het stigma. Begrijpelijk, zo leerde het schoolplein. Hoeveel mensen hebben op die harde tegels niet afgeleerd om pijn te tonen. Om een geschaafde knie of een vernedering te verbijten. Wat dat betreft is het schoolplein van de basisschool een opleidingsinstituut voor de emotionele toekomst. Kijk wat dat betreft onderaan dit hoofdstuk naar het artikel: Stigmatisering van psychiatrische patiënten door huisartsen en studenten geneeskunde.

Steungroep

Als iemand die lijdt onder zijn neerslachtigheid en niet weet of hij/zij depressief is, ben je helaas niet altijd door de juiste personen omgeven. Vandaar het citaat van Brian Wilson: de noodzaak om “de juiste steungroep te vinden” is één van zijn gouden regels. Die groep kan zeer divers zijn. Is je huisarts capabel? Heb je vertrouwen in de talenten van Je therapeut of psychiater, houdt je partner genoeg van je, zijn je kinderen bezorgd om je, zien vrienden dat je hulp nodig hebt? Bouw je steungroep op uit mensen die je willen begrijpen, je willen helpen en daar ook de juiste drijfveren voor hebben. Het gaat nu om ‘jou’, niet om de wereld.

Oorsprong depressies

Depressies kunnen hun oorsprong hebben in onze genetische belasting, maar ook in onze culturele belasting. En natuurlijk zijn er talloze variaties op de combinatie van de twee.In therapeutische setting valt het op hoe vaak mensen zeggen dat ze een gelukkige jeugd hebben gehad. Bij gericht, maar vriendelijk doorvragen komen er niet zelden zaken aan het licht die hun invloed hebben (gehad) op de klachten waarvoor men zich bij de therapeut heeft gemeld.Er is zoveel te zeggen over de factoren die een mens depressief kunnen maken. Doorgaans heeft de depressieve mens een aanleg voor zijn gevoeligheid. Of die aanleg zich uiteindelijk ontwikkelt, is vaak afhankelijk van de ‘klappen’ die we tijdens onze levensloop krijgen. Het systeem dat het begeeft onder de slagen. Je bent geen meelijwekkend persoon wanneer dit gebeurt. Je was al een tikkende tijdbom vanaf een vroege leeftijd en je hebt een taaie, kwetsende ziekte opgelopen.In het merendeel van de westerse wereld komen we vroeg of laat in aanraking met ziektes als depressie, verslaving en burn-out. Meer dan ooit een teken van deze tijd. En het zijn niet de mensen die de kantjes ervan aflopen die ten prooi vallen aan deze plagen. Probeer dat voor ogen te houden wanneer je jezelf kastijdt omdat je niet ‘Superman’ of ‘Wonder Woman’ blijkt te zijn. Je bent tegen de stalen grenzen van je vermogen en energie opgelopen en het duurt even voor je daarvan bent bekomen. De blessure gaat je wijzer maken, capabeler. Dat is, onder andere, de winst.

Brian Wilson, het genie achter de Beach Boys:

“They say there are three things that matter when you are dealing with mental illness: finding the right support network, finding the right medication and finding the right doctor.

”VertalingZe zeggen dat er drie dingen zijn die ertoe doen wanneer je met een geestesziekte te maken hebt: de juiste steungroep vinden, de juiste medicatie vinden en de juiste dokter vinden.

”Citaat Brian Wilson uit: ‘i am Brian Wilson’ (de kleine í’ staat er met opzet) (Coronet, 2016)

(the genius behind the Beach Boys)

The Dead Poets Society

Kanttekening Meindert vooraf: Als een man met ‘aanleg’ voor depressie, weet ik in ieder geval wat deze ziekte voor mij betekent, waarom ik er doodsbang voor ben geworden. Ik weet ook – en dat is het godsgeschenk in deze waanzin – dat mijn depressies tot nu toe uiteindelijk overgingen.

Een van mijn meest dierbare vrienden, de dichter Rogi Wieg, leed al zo lang als ik hem kende aan depressies. Zo erg zelfs dat hij na meerdere serieuze zelfmoordpogingen (zie zijn boek ‘Kameraad Scheermes’) de weg aflegde om zichzelf tenslotte te laten euthanaseren:

Trouw, 16 juli 2015:

“Dichter en schrijver Rogi Wieg is gisteravond op 52-jarige leeftijd overleden in zijn woonplaats Amsterdam. Vanwege ondraaglijk geestelijk en lichamelijk lijden is hem euthanasie toegestaan. In een interview met Trouw in 2003 vertelde hij over zijn ernstige depressies. Hij werd regelmatig opgenomen in psychiatrische ziekenhuizen, onderging elektroshocktherapie en deed driemaal een poging tot zelfmoord.

Vorige week verscheen Wiegs boek ‘Kameraad scheermes’, een indringende, autobiografische roman over depressie, zelfmoord, psychiatrische zorg en de liefde van een vader voor zijn dochtertje. Het schrijven van het boek was een lijdensweg, vertelt Wieg: “Mijn vader heeft me nog gewaarschuwd: pas op, je gaat graven in je herinneringen, dat is gevaarlijk.”

Sinds de eerste regels van het boek, op papier gezet in augustus 1999, was Wiegs leven nogal turbulent. Hij overleefde zijn derde zelfmoordpoging, elektroshocktherapie op een gesloten afdeling, een mislukt huwelijk, de geboorte van zijn dochtertje Hannah en de “duivelse kring van de gezondheidszorg”. Tussendoor, in het gekkenhuis, schreef hij nog wel eens een regel.

“Zelfmoord komt niet voort uit een filosofisch concept.”, schrijft Wieg in ‘Kameraad scheermes’. En: “een zelfmoordenaar wil nooit dood, die wil een ander leven. Daarom moet je iedere zelfmoordenaar tegenhouden”

Wieg: “Mij ook. De dood is geen alternatief. Daarmee verklaar ik het leven de liefde nog niet. Het leven is lijden, maar ook binnen dat lijden heb je mooie momenten. En juist als je de druk van de ketel haalt, juist als je besloten hebt dat het leven niet per se mooi en spannend hoeft te zijn, dan wordt het vanzelf wat leuker.”

(Iris Pronk, Trouw, 16 juli 2015)

Rogi was tenslotte niet meer tegen te houden. Zijn goede vriend Joost Zwagerman praatte op hem in, maar sloeg niet veel later ook de hand aan zichzelf. Wim Brands, dichter en programmamaker VPRO, deed hetzelfde:

Vrij Nederland, 13 april, 2016

‘Maar allemachtig, wat zit het werk van alle drie vol met zelfmoord!’ Rob Schouten leest de levens en gedichten van Rogi Wieg, Joost Zwagerman en Wim Brands, op zoek naar verklaring en context voor hun daad. Negen maanden, drie dichters, dood.

‘Joop’, vrijdag 12 november 2018

“Hij (Joost Zwagerman) was een groot pleitbezorger van openheid over zelfdoding, al was het maar om daarmee wellicht iemand anders te kunnen redden. Die overtuiging deelden we vele jaren, we publiceerden bijvoorbeeld beiden al meer dan tien jaar geleden een boek over dit onderwerp, en ik geloof dat ik in zijn geest handel door niet terughoudend te zijn in publieke uitlatingen over dit beladen onderwerp.”

Psychiater Bram Bakker, zowel vriend van Joost Zwagerman als Rogi Wieg

(Joop.nl is een Nederlandstalige opiniewebsite van linkse signatuur van televisieomroep BNNVARA. ‘Joop’ is een afkorting van Jouw Online Opiniepagina)

In deze berichten gaat het over zelfdoding. Mocht je daar vragen over hebben of behoefte te hebben om er over te praten, bel 0900-0113 of bezoek 113.nl.

Een moederorka draagt haar dode pasgeboren jong. Verschillende walvissoorten vertonen tekenen van rouw.

FOTO VAN ROBIN W. BAIRD, CASCADIA RESEARCH

Walvissen, intelligente en vaak sociaal ingestelde dieren, gaan hechte banden met elkaar aan. Nu blijkt dat die banden zelfs sterker kunnen zijn dan de dood.

In een nieuw onderzoek stellen wetenschappers dat er bij meer dan zes soorten van dit zeezoogdier is gezien dat de dieren het lichaam van een dode soortgenoot, waarschijnlijk een lid van hun school of familie, bij zich hielden.

De meest waarschijnlijke verklaring voor de weigering van de dieren om het kadaver achter te laten: verdriet.

“Ze rouwen,” aldus Melissa Reggente, medeauteur van het onderzoek en bioloog aan l’Università di Milano-Bicocca in Italië. “Ze hebben pijn en stress. Ze weten dat er iets mis is.”

Wetenschappers vinden steeds meer diersoorten, van giraffen tot chimpansees, die rouwgedrag lijken te vertonen. Olifanten, bijvoorbeeld, keren steeds weer terug naar het lichaam van een dode soortgenoot.

Dergelijke bevindingen dragen bij aan de discussie over de vraag of dieren emoties kennen, en, zo ja, of dat consequenties zou moeten hebben voor de manier waarop mensen andere wezens behandelen.

Verdriet van dieren kan worden gedefinieerd als emotioneel leed, gekoppeld aan een verstoring van het normale gedrag, stelt Barbara King, emeritus hoogleraar antropologie aan de Amerikaanse universiteit William & Mary in Williamsburg in de staat Virginia en auteur van het boek How Animals Grieve.

Een wake houden

Reggente en haar collega’s verzamelden voor hun onderzoek meldingen, vaak ongepubliceerd, van rouwgedrag van zeven soorten walvissen, variërend van de enorme potvis tot de relatief ranke langsnuitdolfijn.

Ze vonden voor alle zeven soorten meldingen van gevallen waarin werd gezien dat de dieren hun doden gezelschap hielden, in oceanen over de hele wereld, aldus het onderzoek dat onlangs werd gepubliceerd in het Journal of Mammalogy.

“Het bleek vaak voor te komen en er zijn wereldwijd waarnemingen gedaan van dit gedrag,” vertelt Reggente.

Wetenschappers op een schip in de Rode Zee zagen bijvoorbeeld een langbektuimelaar die het al ernstig vergane kadaver van een kleinere dolfijn door het water voortduwde.

Toen de wetenschappers een touw om het dode dier deden, om het aan land te brengen om te begraven, zwom het volwassen dier met het kadaver mee, en raakte het zo nu en dan aan, totdat het water gevaarlijk ondiep werd. De walvis bleef nog lang nadat het stoffelijk overschot was weggebracht vlak voor de kust zwemmen.

Het is niet bekend wat de band tussen de twee dolfijnen was, maar het gaat vermoedelijk om ofwel een moeder en kind, of hechte familieleden, stelt Reggente.

Dergelijk gedrag heeft tenslotte een flinke prijs: een walvis die een wake houdt bij een dode soortgenoot is een walvis die niet eet en die niet bezig is banden met andere walvissen te onderhouden.

Rouwen om dierbaren

Soms hebben wetenschappers wel aanwijzingen voor de relatie tussen het rouwende en het dode dier.

Bij de San Juan Islands in de Amerikaanse staat Washington werd gezien dat een vrouwtjesorka, bekend als L72, een dood pasgeboren jong in haar bek had. Er waren verschillende tekenen dat ze onlangs een jong had gebaard. Bovendien wisten de wetenschappers die haar zagen dat haar laatste jong inmiddels zo oud was dat ze weer een nieuwe kon krijgen.

“Ze probeerde om het [dode] kalfje steeds boven water te houden, door het met haar kop te ondersteunen,” vertelt Robin Baird van de Amerikaanse onderzoeksorganisatie Cascadia Research Collective uit Olympia in Washington. Hij schreef mee aan het artikel en nam de pogingen van de moeder zelf waar.

Hij merkt op dat een orkamoeder en haar kind soms hun hele leven bij elkaar blijven. Als een van hen sterft, meent hij, “gaan de dieren door een periode waarin ze dezelfde soort emoties hebben als jij of ik wanneer een dierbare overlijdt.”

Het onderzoek leverde ook verslagen op van walvissen die dode kalfjes in hun bek hielden, ze door het water duwden of met hun vinnen aaiden.

In één geval vormden Indische grienden in de Atlantische Oceaan een beschermende cirkel rond een volwassen dier en een dood kalfje. In een ander geval duwde een langsnuitdolfijn in de Rode Zee een dood jong dier in de richting van een boot. Toen de opvarenden het kadaver aan boord tilden, zwom de hele groep dieren cirkels rond de boot om daarna door te zwemmen.

“We kunnen niet verklaren waarom ze dat deden,” aldus Reggente.

Echt verdriet

Antropoloog King stelt ook dat uit dergelijke incidenten blijkt dat de walvissen rouwen.

“Natuurlijk gaat het soms om een soort nieuwsgierigheid, of onderzoek, of zorggedrag dat niet zomaar kan worden uitgezet,” stelt ze in een e-mail.

Maar “we kunnen ontegenzeggelijk ook iets van rouw terugzien in de energie die ze steken in pogingen om dode jongen te dragen of om ze op andere manieren drijvend te houden, om ze herhaaldelijk aan te raken, of zich als groep op te stellen rond het individu dat het meest getroffen is.”

Copyright © 2020 Amor en Psyche

Webdesign by: Miek.Designs

Heb je nog vragen

Stel ze gerust en ik antwoord je zo snel mogelijk.

Scroll naar top